Short Story: The Story of a Disappearance and an Appearance (M.R. James, 1913)

m r james ghost stories‘The letters which I now publish were sent to me recently by a person who knows me to be interested in ghost stories. There is no doubt about their authenticity.’

The Story of a Disappearance and an Appearance wordt gebracht zoals we dat nu kennen als ‘based on true events.’ Dat is een extra leuk element, waardoor dit het verhaal dat in brief-vorm is geschreven nog realistischer maakt. Zowel degene die dit verhaal aan ons brengt als degene van wie het verhaal afkomstig is blijven anoniem. 

Het verhaal bestaat uit vier brieven die ene W.R. schrijft aan zijn broer Robert. Zijn eerste brief is een verontschuldiging dat hij hoogstwaarschijnlijk niet aanwezig kan zijn om de Kerstdagen met hen door te brengen. De reden is de verdwijning van hun oom Henry, een geestelijke. Hij belooft Robert op de hoogte te houden van de ontwikkelingen middels brieven.

De brieven bevatten niet alleen de gebeurtenissen die beginnen als vrij zakelijk, maar ook de gedachten van W.R. Alhoewel iedereen in het dorp meezoekt en oom Henry gerespecteerd was, was hij echter niet zo geliefd en scheen hij een moeilijk mens te zijn. Dat wordt nog eens benadrukt door Mr Bowman de herbergier van de King’s Head die een aanvaring had met oom Henry, maar niet in details wil treden, medeleven wil betuigen aan W.R. en naarstig meezoekt om niet als verdachte te worden aangemerkt.

W.R. is er bijna zeker van dat oom Henry dood is, maar zijn lichaam blijft onvindbaar. Dingen beginnen pas vreemd te worden, wanneer hij van een reizende zakenman hoort dat er een Punch en Judy poppenspel in de buurt is, en dat deze het beste is wat hij ooit heeft gezien en als W.R. de kans heeft hij beslist moet gaan kijken.

Dat doet W.R. echter al diezelfde nacht, Kerstnacht, wanneer hij een enge nachtmerrie heeft over Punch en Judy en het poppenspel wel een heel eigenaardige en levensechte wending neemt. Deze scène zorgt voor de echte horror in dit korte verhaal. 

‘The crack of the stick on their skulls, which in the ordinary way delights me, had here a crushing sound as if the bone was giving way, and the victims quivered and kicked as they lay. The baby – it sounds more ridiculous as I go on – the baby, I am sure, was alive. Punch wrung its neck, and if the choke or squeak which it gave were not real, I know nothing of reality.’

De droom is weliswaar gruwelijk, maar het is tevens een onheilspellende droom. Een droom die wellicht een visioen was, of een droom waarin oom Henry W.R. iets probeerde te vertellen, zoals later blijkt. Want niet veel later komt het poppentheater Punch en Judy naar het dorp waar W.R. verblijft en wat er zich dan onder zijn raam afspeelt doet hem weer gelijk terugkeren naar de gruwelijke nachtmerrie. 

‘Over this there rose slowly an object which I soon perceived to be a human figure with something peculiar about the head – what, I was unable at first to see. I did not stand on his feet, but began creeping or dragging itself across the middle distance towards Punch who still sat back to it; and by this time, I may remark (though it did not occur to me at the moment) that all pretense of this being a puppet show had vanished.’ 

Het blijkt dat de poppenspelers de verantwoordelijken waren voor de dood van oom Henry, het waarom wordt niet bekend gemaakt, evenmin als het hoe. Maar de droom die W.R. had is de voorbode van de wraak van oom Henry’s geest, althans zo lijkt het want tijdens de voorstelling verschijnt een personage op het plein, de gelijkenis van de figuur uit de droom van W.R. gekleed in het zwart met een zak over zijn hoofd. Dit is op een hele angstaanjagende en onheilspellende en ook best gruwelijke wijze beschreven door W.R en het idee dat hij hier schept is akelig eng. 

Dit korte verhaal van 11 pagina’s is door de droom en de verschijning van de in het zwart geklede figuur een echt spookverhaal dat zich afspeelt tijden de Kerst. Ondanks de brieven is het op een prettige wijze geschreven, alhoewel de personages niet sterk worden vormgegeven. Een vrolijk poppenspel tijdens de feestdagen krijgt zo een gruwelijke wending. 

Montague Rhodes James (1862-1936), geboren in Goodnestone, Kent, Engeland is misschien een iets minder bekende ghost story writer dan zijn tijdgenoten, maar hij is een meester in de suggestie door middel van verrassende en zenuwslopende passages, die veel aan de verbeelding van de lezer overlaten. Hij maakte geen gebruik van gothic clichés, maar meer van een huidige setting, die vaak met iets antieks te maken hebben. En wordt daarmee de vader van de “antiquarian ghost story” genoemd. 

 Uit: Collected Ghost Stories van M.R. James, Wordsworth Editions, 2007